Echo

De nadorst loopt hoog op de poten via een strategische
omweg door het bos. Vangt weer dennen, valt uiteen.
Klinkt een stem vanuit de grond. Onweert in lange slagen.

Hier spreekt het bedwelmde brein: de echo van de man
scharrelt wat in losgeslagen stukken, struikelt over tak.
Denkt te horen en te zien. Wrijft in ogen, waait bij vlagen.

Hoe dan de avond in het zachte licht van gisteren.
Raapt lichaam samen, een uitzicht dat verdwijnt.
Het eeuwige alleen zijn hier. Een heel bos te dragen.

 

*

Gepubliceerd in Het Liegend Konijn 2020/2