Jantien Jongsma

In opdracht van Drawing Centre Diepenheim schreef ik een tekst naar aanleiding van het werk van Jantien Jongsma. Gepubliceerd in de catalogus van haar tentoonstelling ‘Het Nieuwe Bouwen’,

februari 2021.

 

De vriendelijk gekleurde wind tilt je op

De gedachten beginnen vanuit een kleurvlak. Dan worden het er twee, drie, vijf. Verschillende vormen. Cirkels, rechthoeken, een trapeze. In de kleuren van de Stijl; rood, geel, blauw, zwart. Helder en overzichtelijk. Ze plakken aan de muren, buitelen door de lucht. Een meisje speelt met een rode ronde vorm, die wordt ineens een bal. Daar omheen springen kleinere vormfragmenten, als om de energie weer te geven die deze vrolijke beweging maakt. Omhoog gaan ze, je fantaseert de wind erbij, hoger tot aan de ramen. In een bloembak staat een plant heel tevreden te zijn met blaadjes in dezelfde vormentaal. Een geel vierkant is beland aan het uiteinde van een zwarte tak. Er spelen een aantal kinderen op het plein, ieder doet zijn eigen ding. Een jongen in een geel shirt staat zijn been te stretchen op een grote ronde steen, zijn schoenen werpen een gele vorm vooruit. Een andere jongen staat wat te lummelen met zijn fiets, iemand op een rode step komt voorbij. In de hoek wordt uitgerust, met één voet een melodietje getapt in de lucht. In de kleurige snippers die samen een kleine papieren sneeuwbui worden duikt een man diep in zijn zwarte capuchon.

Al deze dingen gebeuren in één en hetzelfde werk. Jantien Jongsma vertelt heel veel verhalen op een beperkt vlak. Je kunt blijven kijken, en voortdurend ontdek je iets nieuws. Kijk, er zijn nog gele deuren die dezelfde vorm hebben. De reling van de trap heeft dezelfde kleur blauw als het jurkje van het meisje met de bal. En hoewel de ramen van de school zwart zijn, lijkt het toch een fijne plek. De kinderen op het plein zijn lekker vrij, het is herfst en zomer tegelijkertijd. De sfeer is prettig, het doet aan vroeger denken, aan school met lage kapstokjes in de gang en narcissen in de vensterbank. School is een inspiratiebron voor de kunstenaar. Ze geeft les in kunst en ziet hoe de kinderen daarop reageren. Ze zou wensen dat er meer buiten gespeeld werd, want buiten spelen is goed voor de zich ontwikkelende geest en voor het samenzijn. Scènes zoals die op een schoolplein kunnen voorkomen keren terug in meerdere schilderijen. Er wordt druk gebald, gefietst, gelummeld, gesprongen.

Jongsma gebruikte haar nieuwe woonomgeving als inspiratiebron voor haar recente werk. In de sfeer van het modernisme en de Stijl zette zij een aantal werelden op waarin flink gespeeld wordt. Het schoolthema ging zich vermengen met de nieuwe plek waar de kunstenaar terecht kwam, waar ze woont en werkt. Als zij naar buiten kijkt let ze op de bomen, de vogels en als haar blik afdwaalt blijft hij op een typisch modernistisch detail hangen. ‘Ik heb het beeld om me heen nodig,’ zegt ze daarover. ‘De verhalen die ik wil vertellen hebben een directe inbedding nodig in mijn omgeving. Er zal daarom altijd een verbinding zijn tussen mijn werk en waar ik woon en werk.’ In ouder werk is het narratieve element nog veel sterker aanwezig. Je wandelt als het ware door de jeugd van de kunstenaar in Friesland. Er is alweer een school, er zijn huizen met puntdaken, er wordt getrouwd en groot gegroeid. Daar is de boer die ploegt, en op die plek gaat het over liefde. Allemaal gevangen met potlood en verf, allemaal samengebracht op een paar vierkante meter. De wijze waarop ze tekent, met zwier soms en met een patroon, heeft ook te maken met folklore. Heb lief wat je van vroeger kent en zet het om in je eigen beeldtaal.

Toen ze het huis van haar moeder ging opruimen kwam Jantien natuurboeken tegen. Die waren aanleiding voor een reeks collageachtige werken waarin veel vogels en planten figureren. Dat ze aan hen verknocht is geraakt blijft zichtbaar in de schilderijen die daarna kwamen. Er is bijvoorbeeld een rand met vogels en extra aandacht voor de planten. Ze ontdekte dat ze in de kleurige werken meer afstand tot de gebeurtenissen had. Die waren wat afstandelijker, hadden meer tijd genomen om te rijpen in haar verbeelding. De kleinere potloodtekeningen daarentegen zijn losser en directer. Je ziet hier dat de tegels van het schoolplein een schaduw hebben, dat zij hier meer vertellen dan in de gekleurde variant. Een tak heeft meer tekening, een shirt staat vol met hartjes. De jongen die in een groot werk staat te lummelen met zijn fiets, blijkt hier schalks in zichzelf gekeerd, een meisjesslipper in zijn blikveld.

Een omgeving heeft een tijd van ontdekt worden en onderwerp zijn in een serie schilderijen. Een gedachte heeft dat ook, en evolueert gaandeweg met die omgeving mee. Daarbij wordt soms op een heldere manier aan een gevoel gerefereerd, zoals in het werk ‘Huilen bij een tafelkleed van Sonia Delaunay’. In dit schilderij komen veel dingen samen: huiselijke gezelligheid met op de achtergrond die invloeden van vroeger, in dit geval zowel het tafelkleed als het motief. Er wordt gezeten, en naar je aanneemt gehuild. Maar ergens ben je te laat, ergens zijn de tranen al in de stof getrokken. Blijft over een patroon van vormen, een feest van kleur, een eenzame figuur aan tafel. De poes ligt tevreden onder de tafel. Hier vangt Jantien een moment, een gevoel, en plaatst het vervolgens in een groter geheel. De plek, de geschiedenis, het overdonderende bewustzijn van al die dingen die je zou moeten weten, de vormen en de kleuren. Dat maakt de figuur misschien nog wel eenzamer.

Je zou Jantien Jongsma een bouwer kunnen noemen. Ze neemt elementen van vroeger en figuren van nu. Die giet zij in een nieuw narratief waarin je van allebei dingen herkent en waar je om moet glimlachen. De cirkel die een bal wordt, de boom met gele vierkanten die volkomen vanzelfsprekend op het schoolplein staat. Het verliefde stelletje onder een maan die op uitgeknipt papier lijkt, de kozijnen die mee lijnen met de schoenen. Een trap gezien door de ruiten heen. De vriendelijk gekleurde wind tilt je op.

Afbeeldingen: Jantien Jongsma